Rijden in de winter
Winterse omstandigheden vragen extra aandacht bij het gebruik van de auto:
- Controleer de profieldiepte van uw banden, hoewel wettelijk een minimum van 1,6 mm geldt, vinden wij 2 mm de veilige ondergrens;
- Doe de zonnekleppen naar beneden als u de voorruit wilt ontwasemen: dit bevordert de luchtcirculatie en versnelt het schoonblazen van de ruit;
- Bewaar uw slotspray buiten de auto, en verwarm uw contactsleutel nooit: dit kan ervoor zorgen dat de startonderbreker beschadigd raakt;
- Gooi nooit heet water op een bevroren voorruit: dit kan een spontane scheur veroorzaken;
- Houdt altijd rekening met een langere remweg bij gladheid of regen;
- Gebruik uw mistachterlicht alleen bij zicht minder dan 50 meter;
- Bij temperaturen onder de 7 graden bieden winterbanden een betere grip: wellicht is het winterbandenprogramma van Mobility Partners hiervoor bruikbaar;
- Gaat u op wintersport neem sneeuwkettingen mee. U kunt ze <hier> bij ons aanvragen;
- Sneeuwkettingen monteren: kijk <hier> voor een instructie-film;
- Zorg voor voldoende ruitensproeiervloeistof, speciaal voor de winter;
- Hebt u een ijskrabber in de auto?
- Bewaar bij gladheid voldoende afstand;
- Neem bij extreme kou of lange ritten een waxinelichtje en lucifers mee: hiermee kunt u gedurende langere tijd het interieur van de auto goed op temperatuur houden.
Direct contact opnemen